‘Met deze mannen wil ik het veld in’

Er heerst opperste concentratie als drie mannen een grote loods inlopen. Het geluid van zware voetstappen en tegen elkaar aan slaande karabiners verplaatst zich in een stevig tempo naar de bovenste etage van een steiger. Ze dragen grote rode EHBO-tassen en een brancard met zich mee. Achterop fluorescerend gele jassen staat Rescue Team.

“Hallo?” roept de voorste, Mischa Meinema, als hij bovenop de steiger is. “Hallo mevrouw! Ik ben Mischa, van het reddingsteam, kunt u mij vertellen wat er gebeurd is?” Een in het zwart geklede vrouw ligt op haar rug en kan zich niet bewegen. Ze beantwoord de vraag, in de galmende koude loods, met slechts een zachte “ja”.

De volgende dag ligt lotus-slachtoffer, Anja van Lagen-Hooyer, op de koude betonnen vloer. Ze draagt een helm en een full-body harnas waarmee ze nog half vastzit aan een touw die rommelig over haar heen ligt en aan één kant wel acht meter omhoog gaat. Haar broek is gescheurd en uit een diepe wond op haar bovenbeen komt bloed. Medisch opleider Rob van der Linden vertelt, in zijn rol als BHV-er, aan twee hoogteredders dat hij het slachtoffer gevonden heeft. Chris Wijnholds en Micha Martinovic, beide lid van het hoogtereddingsteam in Groningen, luisteren aandachtig terwijl ze het slachtoffer naderen.

Hallo?!
Mevrouw, kunt u mij horen?!

“Hallo?! Hallo?! Hallo?! Mevrouw, kunt u mij horen?!” Martinovic neemt in deze situatie de leiding: “De situatie is veilig. Er is één slachtoffer, conform de melding. BHV, willen jullie contact opnemen met de meldkamer?” Van der Linden antwoord met een korte “Ja” en neemt via een portofoon contact met de hulpdiensten. “Ze zijn er pas over 25 minuten omdat er een groot ongeval is op de A7.” Martinovic gaat geconcentreerd verder: “Mevrouw, kunt u mij horen?” vraagt hij nogmaals.

Deze examen-casus wordt die dag nog vijf keer gedaan en ook in de vergaderzaal wordt een tweede examen afgelegd. Tien mannen worden, na een volle week training, beoordeeld op een juiste toepassing van de ABCDE-methode en een duidelijke overdracht aan het ambulancepersoneel. Deze ABCDE-methode wordt wereldwijd door hulpverleners toegepast en wordt tijdens de training, voor het gemak, ‘het ABC’ genoemd. Dat de medische training van hoog niveau is blijkt uit een uitspraak van Van der Linden: “Bij de brandweer wordt deze training ook gegeven. Als iemand daar het examen niet haalt ligt hij eruit”.

Eerst zorgen ze dat de ademweg (A) van het slachtoffer vrij blijft en indien nodig zetten ze de wervelkolom vast. Dan beoordelen de kwaliteit van de ademhaling en of het slachtoffer beademd (B) moet worden. Bij een moeizame ademhaling kan zuurstof toegediend worden. Daarna wordt de circulatie (C), oftewel de bloedsomloop, en dan het bewustzijn, disability (D), beoordeeld door gebruik te maken van een AVPU-score: is het slachtoffer alert (A), verbaal (V), reageert alleen bij pijn (P) of unresponsive (U) en reageert helemaal niet? Als laatste wordt het slachtoffer, na een top-tot-teenonderzoek, beschermd tegen invloeden van de omgeving, oftewel environment en exposere (E).

Na het eerste examen ziet Van der Linden zijn collega, Martijn Broekman door een deur de loods binnenkomen en loopt enthousiast naar hem toe. Van der Linden roept: “Broertje!” waarop Broekman, ook vol energie, antwoord: “Ik ben nu klaar. Precies een half uur. Niét normaal. Niét normaal. Ik weet niet wat ik verder nog kan vragen. Ik begin in het donker en ze komen écht met het ABC binnen. Ik dacht, ik ga niet wachten, ik ga tijdens de reanimatie van alles vragen.” Van der Linden reageert verbluft: “Wat? Tijdens het masseren? Hoe kan dat? Hebben ze hier een vernieuwd aannamebeleid? Tof! We zien al jaren dat ze enorm betrokken zijn, maar dit is wel absurd.”

Lotus-slachtoffer Anja van Lagen-Hooyer wordt veilig van een hoge steiger naar beneden gebracht.

Verder gaan waar anderen afhaken. Rope Access Noord, opgericht in 2005, is gespecialiseerd in reddings- en technische werkzaamheden op moeilijk bereikbare plekken. Het bedrijf verzorgt de medische training jaarlijks voor bestaande en nieuwe leden van het hoogtereddingsteam. Uniek aan dit hoogtereddingsteam is dat ze, voor hobby en werk, bijna dagelijks in de touwen hangen.

Tijdens de casussen bestaat het team uit drie personen: een teamleider, een medic (medisch verantwoordelijke) en een rigger. De rigger (touw technische begeleider) is verantwoordelijk voor het veilig laten afdalen van het slachtoffer, de medic focust zich volledig op het slachtoffer en communiceert zijn bevindingen naar de teamleider, die contact heeft met de hulpdiensten. Duidelijke communicatie is cruciaal.

Hoogteredding of stand-by staan als hoogtereddingsteam is nog geen fulltime baan. Toch is er veel werk op moeilijk bereikbare plaatsen. De hoogteredders werken daarom ook als multidisciplinaire rope acces (hoogte)werkers. Niet met zware wagens of steigers, maar met touwen, karabiners en een Actsafe Power Ascender; een apparaat waarmee ze zeer snel omhoog en omlaag kunnen gaan langs een touw. Dit is ontwikkeld door een Zweeds bedrijf en maakt het werken in touwen sneller en effectiever, waardoor een windmolen of productielijn minder lang stil staat.

Mannen van Rope Access Noord doen inspectie en onderhoud aan een windmolen

Het zijn alleskunners. Deze ‘touwwerkers’ voeren onderhouds-, schoonmaak-, (de)montage-  en inspectiewerk uit aan windmolens op zee, silo’s, hoge gebouwen, fabriekshallen en olieplatformen en hangen in het dak van een subtropisch zwembad of stadion. Dit alles gebeurt met industriële touw- en klimtechnieken volgens de richtlijnen van IRATA (Industrial Rope Access Trade Association). De werkzaamheden worden grotendeels uitgevoerd bij internationale bedrijven waardoor benamingen en voertaal Engels zijn. Ze spreken bijvoorbeeld van Rope Access Technicians en Offshore Wind Technicians.

“Voor mij is het de ideale combinatie in een rol als veiligheidskundige en werken in de touwen.” Mischa Meinema, lid van het hoogtereddingsteam als Rigger, Medic én Teamleader is ook Rope Access Technicus  en QHSE Manager (Quality Health Safety en Environment, oftewel: kwaliteit, gezondheid, veiligheid en milieu). Meinema adviseert en implementeert arbobeleid omtrent het veilig werken op hoogte, voert ongevallenanalyses uit en geeft training en voorlichting over het veilig werken op hoogte, in diepte en in besloten ruimtes.

“Het is spannend om examen te doen.” Zegt Meinema. “Maar de algemene kennis wat betreft het levensreddend handelen komt altijd van pas, ook in het dagelijks leven. Ik krijg inzicht in het complete plaatje van het levensreddend handelen en begrijp nu beter hoe de hulpdiensten werken. Het is goed om te weten waar ik sta qua kennis en kunde. De trainers zijn zeer ervaren. Naast een duidelijke theoretische uitleg hebben we veel praktijkoefeningen.”

De druk wordt steeds opgevoerd tijdens de oefencasus. Trainer Broekman haalt de mannen uit hun comfortzone: “Medic, de ademhaling valt weg! Medic, denk eens na. Wat kan ik voor die vrije ademhaling betekenen voor haar?” De medic stopt en denkt na, maar komt nog niet met een antwoord. “Ga door met die nekbrace en denk ondertussen na. Teamleider of rigger, als jullie het weten, help hem dan.” De rigger komt met het antwoord: een tube.” Trainer Broekman: “En is dat dan een Mayo-tube of nasale tube? Je hebt geen kaakklem.” Het antwoord van de medic komt snel en duidelijk: “Een Mayo-tube tube.”

Zuurstof toedienen en het aanbrengen van een Mayo-tube zijn risicovolle handeling – niet te verwarren met voorbehouden handelingen – en worden vrijwel alleen door professionele hulpverleners, of in opdracht van een arts, uitgevoerd. Dat de hoogteredders dit mogelijk gaan uitvoeren is toegestaan. Derk Battjes, eigenaar van Rope Access Noord, vertelt dat het moeilijk was om mensen te vinden die deze medische training geven. Battjes heeft de mannen van Medics on Duty ‘gevonden in Rotterdam’. Ze steken hun kop uit “omdat ze als eerste bij het slachtoffer zijn en op plekken komen waar de arts niet kan komen en ook al zijn ze geen arts, ze moeten wél weten hoe ze het slachtoffer kunnen redden.”

Van der Linden geeft uitleg en Broekman staat links van hem

De trainers wonen in de buurt van Nijmegen en komen, ondanks de afstand, graag naar Rope Access Noord in Groningen. Van der Linden: “Met deze mannen wil ik het veld wel in. Ze weten wat ze doen. Dit zijn gewoon professionals.”  Broekman: “Ik trek ze enorm uit hun comfort zone. Dit zijn ze niet gewend. Het zijn technische mannen die vreselijk goed zijn in het bouwen van dingen. Op het moment dat ze menselijk moeten reageren en lief moeten zijn voor iemand, dan trek je ze uit hun comfortabele gevoel. Ze blijven wel rustig. Dat hebben we er de afgelopen drie dagen ook wel ingeramd. Dan zaaien we alleen maar paniek en schreeuwen we veel. Dan worden sommigen gek en gaan ook schreeuwen, en dan zeg ik wel: Jongens, dat kan echt niet. De hele wereld kan gek worden. Wij blijven rustig.”

De medische opleiders geven deze training alleen met hun favoriete slachtoffer en ook zij, lotus-slachtoffer Van Lagen-Hooyer, gaat zo graag mee dat ze haar vakantie ervoor opgezegd heeft. Dat zegt veel. Ze verstaat haar vak zo goed dat bij de voorbereidingen de Planner, die voor koffie de keuken binnenkwam, dacht dat ze een échte wond had. “Oh Anja, gaat het wel? Wat is er gebeurt?” vroeg hij verbaasd. Ze zat op een stoel met twee grote koffers vol grimemateriaal voor zich en was bezig met de diepe wond op haar bovenbeen. Het vel leek los te zitten. Ze antwoordde lachend: “Nee, dit is nep.”

Oefencasus op een nagebootst plat dak

“Ik wil gewoon de beste zijn. Ik wil het honderd procent goed doen omdat ik mezelf wil vertrouwen in dit soort situaties.” De twee mannen die een herexamen moesten doen baalden ontzettend. De spanning had diezelfde ochtend de overhand, maar gelukkig konden ze hun zenuwen uiteindelijk toch de baas zijn en zijn ook zij geslaagd. Opgelucht werd de intensieve week afgesloten met een drankje in de zon.

“Schakelmomenten zijn ontzettend belangrijk” vertelt Van der Linden. “Stress opvoeren, knallen en door naar het volgende incident.” Tijdens een van de oefeningen geeft hij één van de hoogteredders instructie om flauw te vallen. Een tweede slachtoffer. Dan is het belangrijk om scherp te blijven. “Eerst dit afmaken jongens, en dan de volgende. Je hebt maar één zuurstoffles. Kiezen. Het ABC blijft maar terugkomen. Stel je voor dat je bezig bent met zo’n reddingsactie als vorige week in Turkije. Ben je mensen aan het uitgraven, komt er een tweede lawine. Liggen al je collega’s onder die lawine. En jij bent als enige over. Dan is dít de enige manier om door te pakken.”

Er vallen nog steeds doden. Van der Linden: “Deze mannen gaan waar niemand anders meer gaat. De brandweer gaat niet verder dan 35 meter hoog en het eerste officiële hoogtereddingsteam zit in Utrecht. Als iemand in de Eemshaven gewond op een vrachtschip ligt, nou denk maar niet dat de ambulance dat schip oprijdt.” Er is eens iemand aan onderkoeling overleden omdat hij te lang moest wachten voordat een reddingsteam bij hem was. Toen de hulpdiensten uitrukten met een traumahelikopter waren ze al te laat.

“Het moet eerst fout gaan.” vertelt Van der Linden als Johan Robbe, General Manager bij Rope Access Noord, vraagt welke bedrijven gebruik maken van een gespecialiseerd hoogtereddingsteam. Robbe probeert inzicht te krijgen in de markt voor het hoogtereddingsteam. Het bedrijf groeit internationaal, maar hij weet dat er in Nederland ook nog genoeg te doen is. Ze bieden opleiding, begeleiding en advies en hebben vaak ingegrepen in risicovolle situaties. Vaak weten bedrijven en verantwoordelijke mensen niet wat er mogelijk is, maar het vinden van de juiste personen kan uiteindelijk ook levens redden.

De brandweer in Nederland heeft vier hoogtereddingsteams. Deze zijn gestationeerd in Utrecht, Rotterdam-Rijnmond, Brabant-Zuidoost en Zeeland. Ze maken soms gebruik van een helikopter om snel ter plaatse ter kunnen zijn, maar omdat de afstand tussen Utrecht en bijvoorbeeld de Eemshaven ruim tweehonderd kilometer is wordt het hoogtereddingsteam van Rope Access Noord in het noorden steeds vaker ingezet als Rope Rescue Stand-by Team.

Het is hard nodig. Jaarlijks valt er ongeveer 60 keer per jaar een dodelijk slachtoffer tijdens werkzaamheden. In de Bouw en Industrie gebeuren de meeste ernstige ongevallen met als meest voorkomende ongeval het vallen van een dak, vloer of platform, ladder of steiger. Onvoldoende randbeveiliging door nalatenschap in de procedures is hiervan vaak de oorzaak. Na een brand in een windmolen in 2013 waarbij twee monteurs om het leven kwamen constateerde de inspectie dat er ‘mogelijk meer voorschriften nodig zijn voor de bouw en het onderhoud van windturbines’. Hoe vaak moet het nog fout gaan?

Oefencasus met twee slachtoffers en twee observerende teamgenoten

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.